WILLEMSTAD – Na een onderbreking van een jaar presenteert de Curaçao Jazz Foundation dit jaar weer een bescheiden, maar daarom muzikaal niet minder spectaculair festijn dat mede door het latin jazz gehalte tevens mogelijkheden biedt voor dans. Op vrijdag 30 mei a.s. zal Landhuis Brakke Mei Mei voorzien in een geschikte dansruimte wat voor dit geschiedenisrijke festival toch weer een unicum is.
Het informele karakter is altijd één van de kenmerkende attracties van het jaarlijkse Curaçaose jazz festival geweest. Er zijn er mensen die niets liever doen dan vanuit een zitplaats genieten van wat er op het podium allemaal wordt gepresenteerd. Anderen lopen liever rond en maken tussen de bedrijven door een praatje onder het genot van een drankje en een hapje. Weer anderen voelen bij opzwepende muziek als de latin jazz de neiging opkomen om een danspasje of meer te wagen. Maar nooit eerder was er met voorbedachten rade een aparte dansvloer gecreëerd om deze laatste groep wat meer die gelegenheid te bieden.
Opzwepende muziek
Dat idee van een dansvloer is mede ingegeven doordat dit jaar het aanbod binnenkwam om de nu al legendarische Carlos Oliva en zijn band uit Miami naar het eiland te halen. Deze van oorsprong Cubaanse percussionist, componist, producer en bandleider vormt met zijn band The Judge’s Nephews (Los Sobrinos del Juez) ongetwijfeld de hoofdattractie van het 20ste Curaçao Jazz Festival. Wetende dat het repertoire van deze formatie bestaat uit een uitermate swingende latin jazz muziek en dat velen dus niet stil kunnen blijven zitten, is er dansruimte gereserveerd.
Passend voorprogramma
Tegen die achtergrond had er nauwelijks een beter voorprogramma bedacht kunnen worden dan het optreden van Gregory Colina met zijn big band CoCoGreGre. Colina heeft zijn sporen verdiend in het latin jazz gebeuren in Europa (w.o. in Nederland) en op Curaçao. Op zijn geboorte-eiland verdient hij zijn brood als IT manager bij UTS, maar dat staat hem niet in de weg om zich ook muzikaal te blijven ontwikkelen. Hij omringt zich met een keur aan lokale musici om het pad te effenen voor Carlos Oliva.
Het informele karakter is altijd één van de kenmerkende attracties van het jaarlijkse Curaçaose jazz festival geweest. Er zijn er mensen die niets liever doen dan vanuit een zitplaats genieten van wat er op het podium allemaal wordt gepresenteerd. Anderen lopen liever rond en maken tussen de bedrijven door een praatje onder het genot van een drankje en een hapje. Weer anderen voelen bij opzwepende muziek als de latin jazz de neiging opkomen om een danspasje of meer te wagen. Maar nooit eerder was er met voorbedachten rade een aparte dansvloer gecreëerd om deze laatste groep wat meer die gelegenheid te bieden.
Opzwepende muziek
Dat idee van een dansvloer is mede ingegeven doordat dit jaar het aanbod binnenkwam om de nu al legendarische Carlos Oliva en zijn band uit Miami naar het eiland te halen. Deze van oorsprong Cubaanse percussionist, componist, producer en bandleider vormt met zijn band The Judge’s Nephews (Los Sobrinos del Juez) ongetwijfeld de hoofdattractie van het 20ste Curaçao Jazz Festival. Wetende dat het repertoire van deze formatie bestaat uit een uitermate swingende latin jazz muziek en dat velen dus niet stil kunnen blijven zitten, is er dansruimte gereserveerd.
Passend voorprogramma
Tegen die achtergrond had er nauwelijks een beter voorprogramma bedacht kunnen worden dan het optreden van Gregory Colina met zijn big band CoCoGreGre. Colina heeft zijn sporen verdiend in het latin jazz gebeuren in Europa (w.o. in Nederland) en op Curaçao. Op zijn geboorte-eiland verdient hij zijn brood als IT manager bij UTS, maar dat staat hem niet in de weg om zich ook muzikaal te blijven ontwikkelen. Hij omringt zich met een keur aan lokale musici om het pad te effenen voor Carlos Oliva.