‘Oorlog goed voor innovatie’

Interview met trendwatcher Adjied Bakas

WILLEMSTAD - Curaçao wil vooruit, 2016 moet het jaar van economische groei worden. Maar is de huidige aanpak wel de juiste? Trendwatcher Adjiedj Bakas volgt economische trends wereldwijd en kijkt waar de mogelijkheden voor Curaçao liggen. ,,Breek de huizenmarkt open. Tegen de tijd dat het kalifaat in Europa wordt uitgeroepen, kan men vluchten naar een tweede huis op Curaçao.”

door Dick Drayer en Anneke Polak

In 2008 sprak Coaching Magazine met u. Toen was uw voorspelling dat het massatoerisme zou afnemen. Curaçao werkt echter aan een tweede megapier. U zat er naast.
Je ziet overal dat boutique hotels snel groeien. De gemeente Amsterdam wil geen grote hotels meer hebben, geen dertien-in-een-dozijn hotels meer. Voor standaardhotels worden geen vergunningen meer afgeleverd. Massatoerisme neemt dus af. Op zich, de vergrijzing neemt toe en op cruises zitten oudere mensen. Ik kan me voorstellen dat het voor die groep toeristen nog wel kan.

Moet Curaçao zich gaan aanpassen op het punt van toerisme?
Doordat Cuba opengaat, siddert de hele Cariben. Ik denk dat je je hiertegen moet wapenen. Investeer in mooie oude gebouwen, restaureer ze, en zorg dat er veel meer te doen valt.
Daarnaast zie ik dat mensen in Europa heel zenuwachtig worden van het oprukken van terreurgroep ISIS en terreuraanslagen. Ze willen een tweede huis in Zuid-Amerika, dus ik denk dat Curaçao de huizenmarkt moet gaan openbreken. Ik kan me voorstellen dat je tegen mensen uit Europa zegt: ‘Koop een huis of een groep appartementen’, verhuur het via ‘air bnb’. Hoe doet airbnb het daar eigenlijk?

Het komt.
Oké. Als je dat doet, heb je de kosten er uit en tegen de tijd dat je asiel moet zoeken omdat het kalifaat hier wordt uitgeroepen, kun je lekker naar Curaçao.

Komt u dan ook hierheen?
Dan wil ik wel weg uit Europa, dan wordt het hier niet leuk.

U voorzag in 2008 ook dat historische binnensteden zouden gaan ‘verpretparken’. 
Heb ik dat toen al gezegd? Grappig, want dat is gebeurd. Ze zijn opgeknapt en er is meer te doen, maar wel met mooie boutique hotels en leuke winkeltjes. Geen standaard dingen meer die je overal ziet. Waarom zou ik mijn juwelen van een groot merk op Curaçao kopen en niet ergens anders? De toerist wil iets van een lokale ontwerper.

Ondertussen loopt de binnenstad van Willemstad langzaam leeg.
Weet je, shopping malls zie je overal ter wereld. Voor de lokale bevolking is zo’n mall veel prettiger, maar voor een toerist is een mall op Curaçao hetzelfde als in Miami of in Chili, waar dan ook. Toeristen moet je naar het centrum laten gaan. Kijk naar Amsterdam. Toeristen willen een ijsje eten, dus zijn er allemaal kleine ijswinkeltjes met bijzondere recepten. Dat lokale mensen liever hun spullen in een mall halen, is prima. Maar knap het centrum op en maak het klaar voor de toerist.

U zegt nu dat we rekening moeten houden met onze toeristen. In 2008 zei u nog dat we juist naar alternatieve inkomstenbronnen moesten gaan zoeken naast toerisme en de oliesector. Dat is tegenstrijdig.
Nee hoor, dat geldt nog steeds. De toeristensector blijft interessant mits je de concurrentie met Cuba aangaat. Maar het grote geld moet je met andere dingen gaan verdienen. Als olie niet genoeg oplevert, moet je nieuwe manieren van inkomsten genereren.

U adviseerde Curaçao zeven jaar geleden al om te investeren in zonne-energie. Er is nog niet echt naar u geluisterd.
In Nederland heb je niet zoveel aan zonnepanelen, maar in de Cariben en Suriname wel. Ik was daar afgelopen zomer nog, en het verbaast me hoe weinig men gebruik van zonne-enerige maakt. Zet een thorium-energiecentrale op – thorium is een alternatief voor uranium. Het is een soort kerncentrale maar ontploft nooit en je kunt er geen wapens van maken. Als je twee centrales bouwt, kan het hele eiland heel goedkoop op energie draaien.
Daarnaast kun je denken aan zeewierplantages, molens op de bodem van de zee plaatsen, vulkanische energie zoals in Chili. Er zijn zoveel mogelijkheden.

Worden deze trends niet belemmerd op Curaçao omdat energie een staatsmonopolie is? Er is geen belang bij goedkopere prijzen.
Dat kan, maar in China doen ze het ook en dat zijn ook staatsbedrijven die zeggen dat ze de economie in zijn geheel vooruit willen brengen om het hele land vooruit te helpen.

U voorspelt voor dit jaar de trend ‘karmakapitalisme’. Wat is dat?
Karmakapitalisme betekent dat je geld wilt verdienen op een manier die goed is voor jezelf als individu, voor je bedrijf, maar ook voor de samenleving. Niet rijk worden ten koste van de samenleving. In Amerika is de belangrijkste reden voor obesitas de suiker uit mais, dat zit overal in. Daar word je ongelooflijk dik van en dat weet de industrie al twintig jaar en toch blijven ze het verkopen. Ze worden rijk door de samenleving ziek te maken. Dit soort bedrijven trekken minder getalenteerd personeel aan want die willen niet meer voor zo’n bedrijf willen werken. Op verjaardagen spreken mensen je er op aan dat je voor dat vreselijke bedrijf werkt.
Ook zie je dat de elite het niet leuk vindt om als graaiers weggezet te worden. Ze willen weer geliefd zijn en toegejuicht worden. Net als vroeger, toen de notabelen uit de stad werden toegejuicht.

Trekken grote bedrijven zich wel iets aan van deze trend?
Ja hoor, Coca Cola ziet haar omzet dalen in Amerika. Ze willen nu in thee en kokosmelk gaan en andere dingen gaan doen. Bij McDonald’s zie je dat ook, die trekt zich de kritiek ook aan en ze merken het in hun portemonnee.

Is het sponsoren van grote evenementen door deze bedrijven, het sponsoren van airco’s voor scholen door fabrieken, dan ook ‘karmakapitalisme’?
Nee, dat is puur een doekje voor het bloeden. Maar ik heb een tip, want in Nederland is een ingenieur die een airco heeft ontwikkeld die 95 procent minder energie verbruikt dan de bestaande systemen. Je zou deze man naar Curaçao kunnen halen en een fabriek laten beginnen om deze airco’s te maken. Niet alleen voor Curaçao, maar voor de hele Cariben.

U noemt dit nu, u weet ervan. Waarom komt niemand hier op dit idee?
Dat is mijn vak, ik heb een groot informatienetwerk.

Hoe krijgen we dit naar Curaçao? 
Je moet brainstormsessies houden, mensen uit het buitenland halen. Mij bijvoorbeeld. Dan maak je een toekomstfonds voor de innovatie van Curaçao. Daar kunnen banken of de overheid in stappen. Misschien zijn er particulieren die dat leuk vinden en er geld in willen stoppen.

Maar de lezing met u eind vorig jaar is afgelast. Wat zegt dat?
Blijkbaar had men er geen geld voor over.

Karmakapitalisme is hier nog niet aangeslagen.
Ik ben in 2008 naar IJsland gegaan toen de crisis daar begon, het land zat diep in de shit. Bijna alle ideeën zijn nu acht jaar later gerealiseerd. De regering van IJsland heeft dat destijds betaald, niet het bedrijfsleven.


U voorspelt nog een trend: Slowbalisering. Van mondiaal terug naar regionaal. Waarom willen we dat?
De wereld is voor veel mensen te groot en anoniem geworden. Ze functioneren het beste in een cultuur en regio die ze kennen. Je ziet dat in de Cariben de eilanden elkaar opzoeken, dat ze kijken hoe ze vormen van samenwerken zoals de Caricom kunnen bewerkstelligen. Niet alles moet uit Nederland komen en naar Nederland gaan, je kind kan ook in Brazilië studeren.

Zit die koloniale band tussen Nederland en Curaçao deze ontwikkeling niet in de weg?
Eigenlijk wel. In Suriname zat dat ook in de weg, dat wordt nu minder, ze gaan meer richting Brazilië. De overheid kan dat ook meer stimuleren.

Suriname is nu niet echt het goede voorbeeld, daar zitten ze in een diepe economische crisis.
Absoluut. Maar uit crisis kan een herboring komen.

U bent bang voor een derde wereldoorlog, over crisis gesproken.
Het lijkt op 1914, toen er zoveel spanningen tegelijk waren en dat één incident ervoor zorgde dat iedereen met elkaar ging vechten. Het grote probleem is de radicale islam. Dat zijn de nieuwe neonazi’s. Daarvan dachten we ook lange tijd dat we ze koest konden houden, maar ze willen niet alleen baas in eigen straat zijn maar in de straat erna en eigenlijk in de hele wereld. Ze geloven in het einde der tijden en dat ze nu miljoenen mensen dood moeten maken, dan komt hun messias terug.

Is oorlog dan nog steeds goed voor innovatie, want die stelling heeft u eens verdedigd. 
Oorlog is doorgaans goed voor innovatie, ja. In tijden van oorlog, als je bedreigd wordt, sta je op scherp en word je heel innovatief. Dat zie je in Israël. Dit land wordt permanent bedreigd, maar kent ook de meeste start ups per hoofd van de bevolking ter wereld. Zij kennen de meeste innovaties, daarom heeft Australië een deal gesloten met Israël om heel veel innovaties te kopen. Ook Rusland stopt met import uit Turkije en stapt over naar Israël.

Moeten wij als Curaçao meer vijanden krijgen? 
Hahahaha. Het helpt over het algemeen wel als je bedreigd wordt.

-0-0-0-
Dit artikel verscheen eerder in Coaching Magazine, jaargang 14, nummer 1

pagina 2 - artikel Bakas

Artikel Coaching 2008: