![]() |
Dwight Rudolphina | Foto: Dick Drayer |
WILLEMSTAD – Het vonnis in de zaak van Dwight Rudolphina tegen Radio Mas is een klap voor de journalistieke onafhankelijkheid op Curaçao. De kern van deze zaak is niet ‘goed of slecht werkgeverschap’, zoals het Gerecht suggereert, maar de fundamentele vrijheid van een journalist om zijn werk te doen zonder inmenging van commerciële of politieke belangen. Met alle respect voor de rechter, maar hier wordt de plank misgeslagen.
In artikel 5.6 van het vonnis wordt zelfs expliciet aangevoerd dat eerdere uitspraken van Rudolphina – of die nu over corona, een moordzaak of een predikant in de gevangenis gingen – als reden mogen gelden om hem monddood te maken. Dit is in flagrante strijd met journalistieke onafhankelijkheid. Een journalist wordt niet beoordeeld op basis van de wensen van de eigenaar, maar op basis van journalistieke normen en ethiek. Radio Mas kan als werkgever regels stellen over arbeidsvoorwaarden, maar mag zich niet bemoeien met de inhoudelijke koers van de berichtgeving.

Artikel 5.7 van het vonnis maakt het nog pijnlijker. Hier wordt gesteld dat Radio Mas mag bepalen welk ‘geluid’ het station uitdraagt en dat een journalist zich moet schikken. Maar een hoofdredacteur is geen woordvoerder van een mediabedrijf; hij is de bewaker van de redactionele onafhankelijkheid. Als deze redenering wordt gevolgd, betekent dit dat elke journalist in dienst van een mediabedrijf slechts een spreekbuis is van de eigenaar. Het staat de eigenaar uiteraard vrij om een hoofdredacteur aan te nemen die het ‘geluid’ van de eigenaar doorgeeft, maar hoe die dat doet staat hem vrij en kan geen reden voor ontslag zijn. Dat druist in tegen de basis van een vrije pers.

De rechter miskent hier de rol van een redactiestatuut, die expliciet bedoeld is om garanties tegen dit soort inmenging te voorkomen. Een mediabedrijf kan commerciële of andere belangen hebben, maar die mogen nooit ten koste gaan van de journalistieke vrijheid. De journalist is geen verlengstuk van de eigenaar; hij dient het publiek, niet de aandeelhouder. En wat de rechter vergeet mee te nemen in zijn afweging is dat de regels die ten grondslag liggen aan de Code van Bordeaux en de garanties van journalistieke onafhankelijkheid ook gelden als er geen redactiestatuut is, zoals het geval is bij Radio MAS. Dit vonnis maakt pijnlijk duidelijk dat er in dat geval inderdaad geen garanties zijn, maar die had de rechtspraak Dwight juist moeten geven, en dat is niet gebeurd. De uitspraak schept daarmee een gevaarlijk precedent dat de persvrijheid op Curaçao ernstig onder druk zet.
Conclusie
De rechter heeft de essentie van de zaak gemist, omdat hij het vraagstuk van journalistieke onafhankelijkheid heeft teruggebracht tot een arbeidsrechtelijk geschil over goed werkgeverschap. Hoewel er kritiek kan zijn op bepaalde journalistieke keuzes van Dwight Rudolphina, doet dat niets af aan het feit dat een journalist vrij moet zijn om zijn werk te doen zonder inmenging van de eigenaar van het medium.
Het vonnis stelt dat Radio Mas het recht heeft om de ‘toon’ van de zender te bepalen en dat Rudolphina zich aan dat beleid moet conformeren. Daarmee schuift het gerecht de kernprincipes van journalistieke onafhankelijkheid terzijde. Journalistiek is geen vorm van bedrijfscommunicatie waarbij de eigenaar dicteert wat wel en niet gezegd mag worden. Een hoofdredacteur is geen woordvoerder, maar een onafhankelijke stem die, binnen de kaders van de journalistieke ethiek, zijn werk moet kunnen doen zonder vrees voor represailles.
Bovendien legt het vonnis de nadruk op eerdere uitspraken van Rudolphina—of die nu over corona, een moordzaak of een predikant gingen—om de schorsing te rechtvaardigen. Maar de kernvraag is niet wát hij heeft gezegd, maar of hij als journalist de vrijheid heeft om zijn mening te uiten en kritische onderwerpen aan te snijden. Dat recht is verankerd in de Code van Bordeaux en andere journalistieke ethische richtlijnen. Als zijn werk journalistiek onzorgvuldig was, had hij daarop beoordeeld moeten worden door de journalistieke gemeenschap en niet door een werkgever die commerciële of politieke belangen heeft.
Mijn advies aan Dwight: Ga in hoger beroep en laat drie rechters kijken naar je zaak. Stuur ook even de Code van Bordeaux naar je advocaat.