Menselijkheid op de Cariben biedt lessen voor vergrijzing

Ipko op bezoek in Haarlem

HAARLEM – Terwijl Nederland worstelt met de gevolgen van de vergrijzing en de oplopende druk op de ouderenzorg, beschikken de Caribische eilanden nog over iets wat daar grotendeels verloren is gegaan: gemeenschappen waarin mensen vanzelfsprekend voor elkaar zorgen. Die boodschap bracht hoogleraar langdurige zorg en grondlegger van de Sociale Benadering Dementie Anne-Mei The over aan de deelnemers van het Interparlementair Koninkrijksoverleg (IPKO) tijdens een bijeenkomst in het Museum van de Geest in Haarlem.

Statenvoorzitter Fergino Brownbill van Curaçao verwees naar aanleiding van de bijeenkomst en The’s lezing naar de menselijkheid die volgens hem nog sterk aanwezig is in de Caribische samenleving en stelde dat de eilanden daarmee zelf al een deel van de oplossing voor de vergrijzing in handen hebben.

De kern van de Sociale Benadering die The ontwikkelde, is dat niet de ziekte of beperking centraal staat, maar de mens en zijn omgeving. Die visie ontstond nadat mensen met dementie haar vertelden dat niet de aandoening zelf het zwaarst weegt, maar de manier waarop de samenleving op hen reageert. Goede zorg begint daarom niet bij een diagnose of behandelplan, maar bij de vraag hoe iemand betekenisvol kan blijven deelnemen aan het gewone leven.

Sociale benaderingsteams

<p><em>Anne-mei The met mantelzorger Helen</em></p>
Anne-mei The met mantelzorger Helen (Foto: Dick Drayer)

In Nederland wordt die benadering toegepast via zogenoemde Sociale Benaderingsteams. Dat zijn teams die mensen thuis ondersteunen, niet primair bij hun ziekte, maar bij hun dagelijks leven en sociale contacten.

Volgens The leidt die aanpak ertoe dat mensen met dementie gemiddeld bijna een jaar langer thuis kunnen blijven wonen, terwijl de kwaliteit van leven toeneemt en de druk op mantelzorgers en de zorgkosten afneemt.

Tijdens haar presentatie gebruikte The verschillende voorbeelden uit haar onderzoek op Aruba om duidelijk te maken dat veel van die principes daar al generaties lang vanzelfsprekend bestaan.

Josephine

Zo vertelde zij over Josephine, een 101-jarige honderdjarige vrouw uit San Nicolas die op de wachtlijst voor een verpleeghuis stond, hoewel zij daar zelf helemaal niet heen wilde.

Josephine had geen zware medische zorg nodig, maar voelde zich eenzaam en had lichte ondersteuning nodig. In plaats van professionele zorg bleek haar leven gedragen te worden door haar omgeving: een nicht die haar hielp, een vrouw uit de buurt die boodschappen deed en regelmatig langskwam, een kleinzoon die dagelijks vanuit de Verenigde Staten belde, een kerk en restaurant die maaltijden verzorgden en een neef die ’s nachts bij haar sliep. “Dit is geen zorgsysteem”, concludeerde The. “Het is een gemeenschap die functioneert.”

<p><em>Helen (l) bezoekt de 101-jarige Josephine</em></p>
Helen (l) bezoekt de 101-jarige Josephine (Foto: Dick Drayer)

Later begon Josephine deel te nemen aan de Pasadia in San Nicolas, een ontmoetingsplek waar ouderen samen eten, zingen, praten en elkaar ondersteunen. Volgens The kreeg haar leven daardoor weer structuur en betekenis. Ze sloot nieuwe vriendschappen, keek uit naar de bijeenkomsten en functioneerde beter.

Daardoor kon een opname in het verpleeghuis worden uitgesteld en werd tegelijkertijd de druk op huisartsen en mantelzorgers verminderd. De hoogleraar noemt dat een vorm van sociale preventie: investeren in bestaande gemeenschappen ontlast uiteindelijk de hele zorgketen.

Sengha’s

Ook de verhalen over zogenoemde ‘sengha’s’ maakten indruk. Dat zijn vaak oudere vrouwen – niet altijd familie – die precies weten wie hulp nodig heeft en mensen met elkaar verbinden. The noemde onder meer Helen, die niet alleen voor haar - inmiddels overleden - zus met Alzheimer zorgt, maar ook regelmatig bij Josephine langsgaat en anderen in de wijk ondersteunt.

Volgens de hoogleraar proberen Nederlandse Sociale Benaderingsteams iets van die rol na te bootsen, maar ontbreekt daar zelfs een woord voor zulke sleutelfiguren in de gemeenschap. Wat geen naam heeft, zo waarschuwde zij, wordt vaak niet gezien en uiteindelijk ook niet beschermd.

Bonaire

Een vergelijkbaar voorbeeld vond zij op Bonaire, waar de negentigjarige Myrna vertelde dat zij “tien moeders” had. Niet alleen haar eigen moeder, maar het hele dorp voelde zich verantwoordelijk voor haar opvoeding.

Volgens The laat dat zien hoe zorg en verantwoordelijkheid op de Cariben traditioneel zijn ingebed in de gemeenschap en niet uitsluitend bij gezinnen of professionele instellingen liggen.<p><em>Anne-mei The in de pasadia van San Nicolas, Aruba</em></p>

Anne-mei The in de pasadia van San Nicolas, Aruba (Foto: Dick Drayer)

Kopiëren

De hoogleraar waarschuwde ervoor dat de eilanden niet automatisch het Nederlandse zorgmodel moeten kopiëren. Volgens haar bestaat het risico dat informele zorgstructuren en gemeenschapskracht verdwijnen zodra uitsluitend wordt gekeken naar professionele systemen en meetbare prestaties.

In plaats daarvan pleitte zij voor het combineren van het beste van beide werelden: de professionele kennis en middelen uit Nederland met de sterke sociale netwerken en gemeenschapszin die op de Caribische eilanden nog aanwezig zijn.

In haar slotwoord benadrukte The dat Josephine niet langer zelfstandig thuis kon blijven door nieuw beleid of een nieuw systeem, maar doordat haar gemeenschap niet vergeten was waarom mensen voor elkaar zorgen. Dat menselijke kapitaal, stelde zij, is precies wat Nederland probeert terug te vinden en wat de Cariben nog bezitten.